Californië probeert daklozen van de straat te krijgen tijdens de coronacrisis

Wanneer agent Marck Erickson en de rest van het Homeless Outreach Team van de politie over de heuvel aankomen in het Presidio Park, schrikt de groep op. Bierblikjes worden weggeborgen in een versleten tas. Naast drie jonge zwarte mannen zit een oudere dame met verlopen gezicht, weggedoken onder een deken. De agenten kennen haar naam, vragen hoe ze zich voelt.

Een van de mannen vraagt of ze worden gearresteerd, waarop Erickson hem geruststelt. “Ik wilde praten over de nieuwe opvang. Drie keer per dag eten, veel douches.” Hij toont foto’s op zijn telefoon. “Denk erover na, dan bespreken we het volgende keer. Kan ik je altijd hier vinden?”

Die opvang, dat is het congrescentrum in het centrum van San Diego. Het is geopend aan het begin van de coronacrisis, ter vervanging van kleinere opvanghuizen waarbinnen het virus zich makkelijk verspreidt. In normale tijden zijn de 150.000 dak- en thuislozen in Californië al een complex dilemma voor instanties – in sommige wijken staan rijen van tenten waarin mensen op de stoep wonen. Maar toen het coronavirus zich aandiende was duidelijk dat een uitbraak onder daklozen rampzalig kon uitpakken, aangezien zij vaak al onderliggende aandoeningen hebben.

Lees verder bij Trouw

Corona in Californië

President Biden heeft zijn handen meer dan vol aan de pandemie die de VS hard treft. Vooral in de staat Californië is de situatie ernstig: overvolle ziekenhuizen, ambulances staan op straat in de rij te wachten en ook de lokale begrafenisondernemers kunnen het aantal slachtoffers moeilijk aan. Onze correspondent Jurriaan van Eerten bezocht het Care Center in San Diego, in het zuiden van Californië, en maakte een reportage over de drukte in een crematorium.

Luister hem hier via Bureau Buitenland

Broedt hier binnenlands terrorisme?

Privéterrein. Niet jagen. Dat staat op de bordjes aan het hek van Thomas Caldwell, dat met een hangslot is vastgezet. Vanaf de weg zie je zijn huis niet, alleen wat dor gras en winterse kale bomen. Caldwell leefde hier voornamelijk teruggetrokken, zoals de meeste mensen in dit rurale gebied van Virginia op een kleine twee uur rijden van Washington DC. Hij knikte de buren vriendelijk toe vanuit zijn pick-up bij het voorbijrijden, bood hulp aan wie het nodig had, en verder zag niemand hem.

Maar ook al proberen de inwoners van Berryville de neus zo min mogelijk in elkaars zaken te steken, ze keken wel toen een aantal zwarte FBI-auto’s voor het huis van Caldwell stopte. Later zagen ze op het lokale nieuws dat de buurman niet alleen een van de Trumpaanhangers bleek die het Capitool op 6 januari bestormden, maar dat hij als organisator wordt gezien. De FBI heeft hem als eerste van de verdachten aangeklaagd voor samenzwering tegen de Verenigde Staten en samenzwering tot het verwonden van een politieagent. Het kan hem op twintig jaar celstraf komen te staan.

“Binnen”, plaatste de 66-jarige Caldwell op Facebook, volgens de officiële aanklacht van de FBI. Iemand stuurde hem vervolgens een bericht: “Alle leden zijn in de tunnels onder het Capitool. Sluit het af. Zet het gas aan.”

Lees verder bij Trouw

Washington DC zet zich schrap voor de aanhang van Trump

Gelijk voor Union Station, waar de treinen hier in de Amerikaanse hoofdstad binnenkomen vanuit omliggende steden en het vliegveld, staan aan de overkant van het plein al grote dranghekken. In de verte is de koepel van het Capitool zichtbaar. Maar om daar te komen moet je voorbij meerdere checkpoints die worden bewaakt door verschillende instanties: jonge reservisten uit de nabijgelegen staat Pennsylvania, agenten van de geheime dienst in kogelvrij vest.

Bij het eerste checkpoint mag iedereen nog doorlopen, langs betonblokken die moeten voorkomen dat iemand die kwaad wil per auto probeert snel dichterbij te komen. In de afgezette straten tot het volgende checkpoint rennen joggers voorbij, bewoners van de stad laten hun hond uit. Het ziet er rustig en bijna aangenaam uit, als op een autoloze zondag. Maar iedereen die hier loopt is zich sinds de bestorming van het Capitool bewust van de dreiging, die als een donderwolk boven dit laatste weekend van het presidentschap van Donald Trump hangt.

Lees verder bij Trouw

Trumps aanhangers in Arizona staan volledig achter de bestorming van het Capitool

Het begint relatief onschuldig. Ouders met kinderen, gekleed met rode MAGA-petjes – ‘Make America Great Again’ – komen aangelopen als het protest rond tien uur in de ochtend begint. Iemand deelt vanuit een kraampje gratis hotdogs uit en flesjes water. Op een groot scherm wordt een livestream van de speech van Donald Trump uitgezonden voor honderden of misschien enkele duizenden demonstranten hier in Phoenix. Overal gaan de vlaggen omhoog onder luid gejuich bij iedere keer dat Trump zegt dat hij eigenlijk gewonnen heeft.

Aangezien Arizona een staat is waarin legaal vuurwapens gedragen mogen worden, zijn veel mensen vandaag bewapend. Wie goed kijkt ziet de pistolen in heupholsters, daarnaast zijn er tientallen demonstranten volledig gekleed in camouflagekleding en dragen ze een semi-automatisch geweer met zich mee. Zij staan aan de buitenrand van de groep en kijken alert om zich heen, lettend op tegendemonstranten, maar ook op de scherpschutters die op het dak van het capitool van de staat liggen.

‘De Burgeroorlog is nog bezig’

‘De burgeroorlog is nooit geëindigd,’ zegt de 49-jarige Mike Lars, die tussen de zwaarbewapende groep staat. ‘We zijn in dit land altijd blijven strijden tegen de dreigende onderdrukking. De strijd tegen tirannie is waar de founding fathers dit land op hebben gegrondvest.’

Lars is een indrukwekkende verschijning, een zwarte man van bijna twee meter die in het verleden werkte als onderwaterlasser. Nu is hij consultant voor het ministerie van Defensie. Hij zegt volledig achter Trump te staan en te geloven dat er gefraudeerd is bij de verkiezingen. ‘Het enige dat wij willen is een eerlijk onderzoek, maar niemand wil dat uitvoeren. Zelfs het Hooggerechtshof weigerde onze bewijzen te horen. En intussen is in Georgia gisteren met dezelfde stemmachines gestemd voor de senaat.’

Zodra in Washington DC een groep demonstranten door de deur van het nationale Capitool breekt, gaat hier in Arizona een applaus op. Het wordt live uitgezonden op televisie. Twee dames, die vanuit het zuidelijker gelegen Tucson naar de staatshoofdstad Phoenix zijn gereden, zijn blij om te zien dat er in DC actie wordt ondernomen.

Lees verder bij Trouw

Papa overleefde de tocht door de woestijn niet: ‘Ik ging er altijd van uit dat hij leefde’

Tussen de zussen Erika en Kathy Ramirez in staat de urn op tafel: een kersenhouten kist ter grootte van een schoenendoos. De urn, met daarin de as van hun vader, is enkele dagen geleden in hun woonplaats Norfolk in de Amerikaanse staat Nebraska afgeleverd, vanuit Arizona. Ze wachten op een telefoontje van de begrafenisondernemer over de aanstaande herdenkingsdienst.

Intussen bekijken de twee foto’s van hun overleden vader, Hector Ramirez: een mollige Guatemalteek met een stevige snor. Ze lachen als ze vertellen dat van hem altijd alles mocht. Ze lachen ook om zichzelf, vanwege de oplichters die ze betaalden tijdens zijn vermissing. “Weet je nog, die helderziende?”, zegt de 30-jarige Erika Ramirez. “Daar zijn we ingetrapt hè?”

Lees verder bij Trouw

Columns Revu

Voor tijdschrift Nieuwe Revu schrijf ik een wekelijkse column over de ontwikkelingen in de Verenigde Staten. Hiervoor spreek ik met een breed scala aan Amerikanen, reizend door dit bijzonder mooie en soms oh zo krankzinnige land.

Februari

Januari

December

De Amerikaanse beeldenstorm leidt tot een ingewikkelde tegenstelling in New Mexico

In de bomen van het centrale plein van Santa Fe hangen sinds kort lichtsnoeren. Het is de jaarlijkse versiering, de aftrap van de feestdagen, waarvoor inwoners de vrieskou trotseren om een romantische avond door te brengen. Maar dit jaar ontbreekt er iets. Honderdvijftig jaar lang stond midden op het plein een obelisk, geplaatst ter ere van soldaten die zowel de legers van de Confederatie tijdens de burgeroorlog, als aanvallen van inheemse stammen afsloegen.

In oktober werd de obelisk omvergetrokken tijdens een protest. De restanten van de sokkel zijn nu met spaanplaat afgeschermd. Al langere tijd werd het beeld met argwaan bekeken, onder andere vanwege het plakkaat: ‘Voor de helden die vielen in de strijd met barbaarse indianen’. Ook al werd dat woord ‘barbaars’ al in de jaren zeventig door iemand weggehakt, toch zag een deel van de native Americans het beeld als verering van mensen die hun voorouders afslachtten.

Lees verder bij Trouw

Corona slaat ongenadig toe in de VS

In maart kwam alles tegelijk voor LeRoya Chester Jennings. Terwijl op televisie gesproken werd over een virus dat vanuit China over de wereld raasde, leek het erop dat haar staat Georgia in lockdown zou gaan. Daarnaast kreeg ze een telefoontje van het verzorgingstehuis van haar 69-jarige vader, die een zware griep te pakken had.

Het verzorgingstehuis waarschuwde: ze zouden uit voorzorg afgesloten worden, dus als ze hem wilde zien moest ze snel zijn. Jennings besloot diezelfde dag nog hem mee naar huis te nemen, om zelf voor hem te zorgen. Ze sloot zich met hem op in haar huis en zag hoe hij in die dagen steeds kortademiger werd. Binnen enkele dagen was hij overleden.

Lees verder bij Trouw

De senaatsrace in de VS wordt beslist in Georgia, en daar zijn ze verkiezingsmoe

Op een parkeerplaats achter een advocatenkantoor in een straat vol studentenhuizen staat een partytent: op de tafel liggen flyers, uit de speakers knalt salsamuziek. Een man of tien danst om beurten, terwijl af en toe iemand met de auto langskomt om een stapel flyers mee te pakken.

De 21-jarige Arteen Afshar, die hier in studentenstad Athens in de Amerikaanse staat Georgia politicologie studeert, is een van de lokale organisatoren van de Jonge Democraten. Ze moet een beetje lachen om de magere opkomst deze zondagmiddag. “Na de verkiezingen van november is het moeilijk om mensen enthousiast te houden. Maar of Biden straks kan regeren, hangt van de Senaatsrace in Georgia af. Dat is Amerika: landelijke politiek wordt bij kleine lokale verkiezingen bepaald.”

Lees verder bij Trouw